Controles op biologische wassers blijven nodig

  • 21 november 2019

Zowel het Vlaams Departement Omgeving als de Vlaamse Landmaatschappij stellen vast dat de biologische wassers, toestellen die de lucht uit varkens- en pluimveestallen op een natuurlijke manier zuiveren, onvoldoende correct worden gebruikt. De helft van de gecontroleerde luchtwassers werkte onvoldoende, in 17% van de gevallen was de luchtwasser zelfs niet actief. Controles op wassers blijven dan ook broodnodig in de toekomst. Vlaams minister van Justitie en Handhaving, Omgeving, Energie en Toerisme Zuhal Demir blijft inzetten op de controles en maakt van het voorkomen van overtredingen een prioriteit. “Handhaving vormt het sluitstuk voor een slagkrachtig omgevingsbeleid”, zegt de minister.

Het Departement Omgeving controleert of de lucht die via een luchtwasser de stal verlaat een luchtwassersammoniakreductie van minstens 70% behaalt. Een goed functionerende wasser beperkt de uitstoot van ammoniak en bijkomend onder meer ook de geurhinder voor de omwonenden. De controles van de Vlaamse Landmaatschappij zijn gericht op het restproduct van de biologische wassers, het spuiwater. Dat bevat immers heel wat nitraat en nitriet, twee stoffen die kunnen leiden tot een slechte waterkwaliteit. 

Vlaams minister Demir wijst op de impact van ammoniak op ons leefmilieu. “Ammoniakuitstoot leidt tot fijn stof en is schadelijk voor onze gezondheid.  Het is evident dat we dus strikt handhaven daar waar luchtwassers naar behoren moeten functioneren.”

Elke dienst heeft bij de controles zijn eigen specialiteit. De controle van de afdeling handhaving van het Departement Omgeving spitst zich toe op de constructie van de wasser, terwijl de dienst Handhaving van de Mestbank vooral kijkt of het spuiwater correct wordt bemonsterd en afgezet. Beide diensten kijken na of de wassers correct worden gebruikt. Hieronder geven we een overzicht van de vaststellingen van beide inspectiediensten in 2018.

Vaststellingen door de afdeling Handhaving van het Departement Omgeving

In 2018 controleerde het Departement Omgeving 56 biologische luchtwassers. Daarbij kwamen de volgende  tekortkomingen het vaakst voor:

  • Bij de helft van de biologische luchtwassers was de werking onvoldoende.
  • Bij nagenoeg de helft van de biologische luchtwassers werd geen of slechts een onvolledig logboek bijgehouden. Daardoor kan de exploitant niet aantonen dat hij de werking van zijn luchtwasser controleert en tijdig ingrijpt als zich problemen voordoen.
  • Bij 27% van de biologische luchtwassers ontbrak een constructieattest, dat aantoont dat de luchtwasser ammoniakemissiearm is gebouwd, in overeenstemming met de regelgeving.
  • 1 op 6 biologische luchtwassers was niet geconstrueerd conform de regelgeving (bypasses, geen veilige toegang tot de luchtwasser, …).
  • De administratie die bij een biologische luchtwasser hoort, vertoonde in de helft van de gevallen tekortkomingen (ontbreken van technische fiche, …).
  • Slechts een heel klein percentage van de biologische luchtwassers voldeed niet aan het ammoniakemissiearm stalsysteem zoals het was opgenomen in de omgevingsvergunning.

Vaststellingen door de dienst Handhaving van de Mestbank 

De dienst Handhaving van de Mestbank controleert vooral in de gebieden waar de waterkwaliteit het slechtst is, in de zogenaamde VODKA-gebieden. In VODKA-gebied zijn tussen januari 2018 en juni 2019, 33 bedrijven met biologische luchtwassers gecontroleerd. Dit zijn de belangrijkste vaststellingen:

  • Bij 17% van de controles waren de luchtwassers niet actief
  • Bij 17% van de controles, was er een risico op vervuiling van het oppervlaktewater doordat het spuiwater niet correct werd bijgehouden.  
  • In 24% van de gevallen was er geen of een defecte debietmeter aanwezig voor het spuiwater. Daardoor weet de Mestbank niet hoeveel spui in Vlaanderen wordt geproduceerd.
  • In 75% van de gevallen, is er een probleem met de twee verplichte analyses van het spuiwater. Daardoor is de Mestbank niet op de hoogte van de correcte samenstelling van het spuiwater.
  • Slechts in de helft van de gevallen, was het onderhoud in orde.
  • 92% van de grotere klasse 1-bedrijven (bedrijven die bepaald zijn volgens de Europese Richtlijn Industriële Emissies ) waren in orde. Op die grotere bedrijven voert de afdeling Handhaving van het Departement Omgeving minstens om de 3 jaar toezicht uit op de werking van de wassers.

Focus op voorkomen van overtredingen

“Tekortkomingen kunnen leiden tot strafrechtelijke veroordelingen of tot bestuurlijke geldboetes van maximaal 2 miljoen euro”, stelt Vlaams minister Zuhal Demir.  “Bij het bepalen van de hoogte van de geldboete wordt rekening gehouden met de ernst, frequentie en omstandigheden van het misdrijf.” 

Zo zal herstel in grote mate de bestuurlijke geldboete verlagen. Naast die geldboete kan de gewestelijke beboetingsentiteit van het Departement Omgeving ook een voordeelontneming (= de opbrengst verkregen uit het plegen van het misdrijf) opleggen  (vb. de uitgespaarde kosten door de verplichtingen niet na te komen). 

“Bij herhaaldelijke vaststellingen van doelbewuste inbreuken moeten we wat mij betreft verder durven gaan dan enkel geldboetes. Het voorkomen van overtredingen en dus overlast is prioriteit nummer één.”, besluit Demir.

Sustainable Development Goals

Deze actie draagt bij aan Sustainable Development Goals 3 -9 - 14 - 16.
SDG

Contact

Brigitte Borgmans 
Woordvoerder Departement Omgeving
M 0 473 73 28 30
brigitte.borgmans@vlaanderen.be

Leen Van den Bergh
Woordvoerder VLM
M 0499 05 26 03
leen.vandenbergh@vlm.be